In 1927 werd de Houtvaart naar zakelijk-expressionistisch ontwerp van de Dienst Openbare Werken Haarlem gebouwd. De Amsterdamse School is een meer bekende omschrijving. Soortgelijke gebouwen uit die periode tussen beide wereldoorlogen waren het paviljoen Zonnestraal in Hilversum en het Olympisch Stadion en het Zuiderbad in Amsterdam. In 1999 werd het enige overgebleven openluchtbad in Haarlem officieel Rijksmonument.
In het Monumentenregister is de volgende beschrijving opgenomen: 'Het object is van algemeen belang vanuit architectuurhistorisch en cultuurhistorisch oogpunt vanwege de karakteristieke, door kubistische vormen en symmetrie bepaalde vormgeving en vanwege de historische functie van de openbare sport- en recreatievoorzieningen in de openlucht. Het object is voorts van stedenbouwkundig belang als noordelijke afsluiting van het De Ruijterplein'.

Om het gebouw in optimale conditie te houden, is er aan de buitenkant van het zwembad een grote renovatie uitgevoerd. Opvallend aan deze architectuur is dat er ijzer of staal in het metselwerk verwerkt zit. Op een gegeven moment gaat dat uitzetten en krijg je kleine scheurtjes in de stenen.

Alle gele bakstenen, die kapot zijn, worden met de nodige precisie uit de muur gehaald en hersteld.
Meer als een zwembad voor Haarlemmers
De Houtvaart is door de jaren heen meer dan een zwembad voor de Haarlemmers. Zo trainde de Amerikaanse zwemploeg, als voorbereiding op de Olympische Spelen Amsterdam in 1928, in De Houtvaart. Johnny Weissmüller spreekt wat dat betreft tot de grootste verbeelding. Niet alleen omdat hij dat jaar het koningsnummer, de 100 meter vrije slag, won, dat was op zich geen verrassing, want dat deed hij vier jaar eerder ook al in Antwerpen. Maar meer omdat hij na zijn sportcarrière beroemder werd. In Hollywood werd hij bekend als de filmacteur, die jarenlang Tarzan zou spelen.

Naast zwembad had De Houtvaart tijdens en voor de oorlog nog een andere functie. Het was een veredeld badhuis. In de Leidsche buurt hadden de huizen nog geen douches. Van de drie aanwezige waterstralen werd dus dankbaar gebruik gemaakt. Het schrobben der voeten was verplicht voordat je het bad in ging. Het water om je voeten mee te wassen, was wel afschuwelijk koud. Het bad was voor de meesten echter een veel beter alternatief, dan het badhuis aan het Leidsche Plein. Daarvoor moest namelijk betaald worden.
Hoewel het bad in de oorlog zelf de meeste tijd gesloten was, werd er wel gebruik van gemaakt. Door de Duitsers, want er waren bijna geen inwoners in Haarlem meer. De meeste mannen moesten naar Duitsland of waren ondergedoken. En voor dat laatste doel bood De Houtvaart weer uitkomst. Tijdens de Open Monumentendagen wordt het verhaal verteld, dat onder in de 'kubus'van de accommodatie burgers en joden ondergedoken zaten. En letterlijk boven hun hoofd trokken de Duitsers hun baantjes.

Na de oorlog veranderde alles snel. Het zwemmen werd allemaal veel gemengder en ook het gescheiden zwemmen verdween. Tot op heden beleven jaarlijks rond de 50.000 bezoekers plezier aan het zwembad.

Filmopnames 'Bankier van het Verzet'
Dit voorjaar waren in De Houtvaart de filmopnames van de oorlogsfilm 'Bankier van het Verzet'. Hiervoor moesten wat aanpassingen gedaan worden. Geen enkel stukje roestvrij staal mocht in beeld komen en de betonnen randen werden allemaal groen geschilderd. Verder zijn een aantal houten panelen geplaatst voor alle glasplaten van de horeca en om de palen van de douches. Alles met de speciale geel-groene verf om het bad het uiterlijk van toen te geven. We zijn erg benieuwd naar de beelden, maar daar moeten we nog even op wachten. De film gaat op 29 maart 2018 in première.